Stichting Perfect Fungi Europe - P.O. Box 416 - 6700 AK - Wageningen - The Netherlands

Overgenomen uit:
      de Volkskrant, 18 januari 1997


KAALKOPJES ONSCHULD

Hallucinerende paddestoelen zijn vrij onschuldig, tenzij je in
de smartshop een giftige soort krijgt aangeboden. Toch
belanden er geregeld verwarde en zieke mensen in het
ziekenhuis na het eten van kaalkopjes. En er zijn aanwijzingen
dat paddo's erfelijk materiaal kapot maken.


De inval van de politie bij een kwekerij van paddestoelen in
kerkdriel begin vorige week was bepaald niet de eerste actie
van justitie tegen de handel in wat tegenwoordig eco-drugs, of
nog populairder, paddo's, worden genoemd. Begin vorig jaar
werden in Amsterdam bij Conscious Dreams, een zogeheten smart
shop, kaalkopjes in beslag genomen en in september begon
justitie in Rotterdam een proefproces tegen een verkoper van
ecodrugs.
     Maar ook in 1980 kwam justitie al in actie. Rechercheurs
in Zeeuws-Vlaanderen namen in november van dat jaar exemplaren
van het anarchistische tijdschrift Gramschap in beslag, omdat
de redactie er voor zijn abonnees zakjes met gedroogde
kaalkopjes in had gedaan. De officier van justitie in
Middelburg was van mening dat de psychedelische paddestoelen
onder de Opiumwet vallen en dat verspreiden ervan in strijd is
met de wet.
     Justitie denkt er blijkens de invallen in Kerkdriel en
enkele andere plaatsen nog net zo over. Maar van het
ministerie van Volksgezondheid (VWS) hoeft er geen jacht op
hallucinogene paddestoelen te worden geopend. De paddestoelen
worden in Nederland niet op grote schaal gebruikt en het
gevaar voor de gezondheid is niet erg groot, heette het vorige
week bij VWS.
     Heeft Volksgezondheid gelijk en is de (geregelde)
consumptie van paddestoelen die de hallucinogene stoffen
psilocybine en psilocine bevatten werkelijk geen probleem? Of
heeft justitie het bij het rechte eind met zijn standpunt dat
beide stoffen nu eenmaal op de Opiumlijst staan en dat er geen
reden is om de handel in paddestoelen met deze stoffen niet te
vervolgen alleen maar omdat paddestoelen als zodanig niet in
de Opiumwet worden genoemd?

Het gebruik van hallucinogene stoffen uit planten of
paddestoelen is haast zo oud als de mensheid zelf. Bekende
voorbeelden zijn de Mexicaanse peyote, een cactussoort die de
stof mescaline bevat, en de 'magische paddestoelen' van de
maya's en de azteken - ook wel aangeduid als teonanacatl,
ofwel 'vlees van de goden' - waarbij het om Psilocybesoorten
met psilocybine en psilocine gaat. Daarnaast zijn er nog de
'heilige paddestoelen' van de Hindoes in India, waarin
ibotine-zuur, muscimol en muscazon de psychoactieve stoffen
zijn. De bekende vliegezwam, met eveneens hallucinogene
eigenschappen, is familie van deze paddestoelen.
     De werking van deze stoffen op de menselijke geest berust
op hun overeenkomst met enkele belangrijke neuro-transmitters,
de stoffen die de communicatie tussen hersen- en zenuwcellen
verzorgen. Qua chemische formule en ruimtelijke structuur
lijken ze vaak als twee druppels water op deze
boodschapperstoffen.
     Zo is mescaline nauw verwant aan de neurotransmitter
noradrenaline, terwijl psilocybine en psilocine de werking van
serotonine nabootsen. Het opwekken van, hoofdzakelijk visuele,
hallucinaties en van synesthesieen, het vermengen van
zintuiglijke waarnemingen, is de belangrijkste werking van
mescaline, psilocybine en psilocine.
     Psilocybe-soorten, maar ook andere paddestoelgeslachten
zoals Conocybe, Panaeolus, Gymnopilus en Stropharia (de in
Kerkdriel gekweekte soort), bevatten naast psilocybine slechts
een klein beetje psilocine. Het verschil tussen beide
verbindingen is dat aan psilocybine een extra fosforgroep
vastzit. Na opname van de stof in het lichaam wordt hij
onmiddellijk omgezet in het minder stabiele, maar sterker
werkende psilocine. Daarnaast wordt ook aan andere
omzettingsprodukten van psilocybine, baeocystine en
norbaeocystine, een hallucionogeen effect toegekend.
     Psilocybe-soorten zoals de ook in Nederland in het wild
voorkomende kaalkopjes - de Nederlandse naam is een
letterlijke vertaling uit het Grieks - bevatten doorgaans
tussen de 0,2 en 2 procent van het gedroogde gewicht aan
psilocybine. Het puntig kaalkopje, Psilocybe semilanceata, dat
ondermeer bij Zuidlaren (Drenthe) wordt aangetroffen, is een
van de sterkste soorten, met een psilocybine-gehalte van
tussen de 1,3 en 1,8 procent drooggewicht.
     De effecten van psilocybine/psilocine treden vrij kort na
de consumptie van de paddestoel op en houden een aantal uren
aan. De stoffen zijn niet verslavend, dat wil zeggen: er
ontstaat geen lichamelijke afhankelijkheid, zoals bijvoorbeeld
wel het geval is met alcohol, nicotine of heroine.
     Dit niet-verslavende karakter van de hallucinogene
stoffen lijkt een belangrijk pre van de eco-drugs. Maar dat
wil niet zegen dat er geen ongelukken mee kunnen gebeuren. De
belangrijke gevaren van het gebruik van paddestoelen als drugs
schuilen in de verwisseling van hallucinogene met ronduit
giftige soorten en in het overdoseren.
     Zo is er het geval van een Canadese vrouw die enkele
jaren geleden met een ernstige nierstoornis in een ziekenhuis
belandde. Hoewel ze in haar lokale smart shop uitdrukkelijk om
kaalkopjes, dus Psilocybe-paddestoelen had gevraagd, kreeg ze
van de handelaar de giftige Cortinarus-paddestoel mee.

Overdosering is een al even reeel risico. In 1981 beschreven
de Rotterdamse anesthesiologen Stienstra, Van Poorten en
Rupreht en de farmacoloog Vermaas in het Nederlands
Tijdschrift voor Geneeskunde twee gevallen van overmatig
gebruik. Het eerste betrof een 21-jarige man die op een
septembernacht in 1980 in hevig opgewonden toestand naar het
Dijkzicht-ziekenhuis in Rotterdam was overgebracht. Hij had
een grote hoeveelheid hem onbekende paddestoelen gegeten, die
hij in een cafe van een hem eveneens onbekende man had
gekregen.
     Twee uur later diezelfde nacht werd nog een patient
binnengebracht, een 29-jarige man in delirium en met
hallucinaties, maar nog wel aanspreekbaar. Het bleek de
uitdeler van de paddestoelen te zijn, die vertelde dat het om
een kaalkopje ging en dat hij deze paddestoelen zelf al
maandenlang gebruikte.
     Urine-onderzoek bracht aan het licht dat het psilocine-
gehalte van de chronische gebruiker tien maal hoger was dan
bij de eenmalige gebruiker. Laatstgenoemde vertelde dat hij
die bewuste avond zeker meer dan 25 paddestoelen had gegeten.
De Rotterdamse artsen leidden daaruit af dat, bij een
gemiddeld gehalte van 1 milligram per paddestoel, de giftige
dosis psilocybine/psilocine ergens tussen de 20 en 25
milligram ligt. Kennelijk, concluderen ze verder, kan er ook
snelle gewenning van het lichaam aan psilocine optreden, omdat
de chronische gebruiker een veel hoger gehalte psilocine in
zijn urine had. Psilocine-vergiftiging kan soms de vorm van
een kleine epidemie aannemen. Schotse onderzoekers van de
universiteit van Dundee meldden in 1982 in het tijdschrift
Human Toxicology de ziekenhuisopname in vijf weken tijd van
maar liefst 44 patienten, die allemaal teveel kaalkopjes
hadden gebruikt. Het gemiddelde bleek 87 paddestoelen, met
uitschieters tot aan driehonderd stuks toe.
     Hun relaas moet gelezen worden tegen de achtergrond van
de Schotse drugsscene, die zich eind jaren zeventig, begin
jaren tachtig massaal op de paddestoel had geworpen -
tenslotte een gratis drug, die zo uit park en plantsoen of van
de golfbaan geplukt kon worden. De natte herfst van 1981
zorgde voor een overdaad aan Psilocybe semilanceata, ter
plaatse beter bekend als de Liberty cap.
     De overconsumptie van het vrijheidshoedje brak 44 mensen
dus lelijk op. Na een slechte trip belandden ze binnen vier
uur in het ziekenhuis met klachten als misselijkheid,
buikpijn, urine-incontinentie, opvliegers, versnelde pols,
verhoogde bloeddruk en, als meest kenmerkende verschijnsel,
verwijde pupillen die vaak niet of nauwelijks meer reageren op
licht dat in de ogen wordt geschenen. Een enkeling bleek
geheel doorgeslagen te zijn, had de televisie thuis aan
diggelen gesmeten of was naakt langs een spoorbaan lopend
aangetroffen.
     Toch, schreven de onderzoekers, viel de ellende nog wel
mee. Eerder door de onderzoekers en anderen vastgestelde late
verschijnselen van psilocine-gebruik, zoals flashbacks -
waarbij de hallucinaties nog eens worden herbeleefd -
paniekaanvallen of in een psychose raken, deden zich niet
voor. De meerderheid van de kaalkopjes-gebruikers lijkt geen
nadelige effecten van de paddestoel te ondervinden,
concludeerden de Schotse onderzoekers.
     Een jaar later trekken de Engelse onderzoekers Francis en
Murray van de Nationale Vergiftigingen Informatie Dienst in
Londen een soortgelijke conclusie. Bij hen kwamen in vier jaar
tijd (1978-1981) 318 meldingen van Psilocybe-vergiftigingen
binnen, maar daar waren geen sterfgevallen of ernstige
ziektegevallen bij. Psilocybe-vergiftiging kan onplezierig
zijn, ernstig is het meestal niet, aldus Francis en Murray.
Het grootste gevaar van kaalkopjes-gebruik ligt volgens hen in
de veranderingen in stemming of gedrag, die tot ongelukken
kunnen leiden.

     Lijkt de Psilocybe als drug hiermee een niet ongunstig
veiligheidsbrevet te krijgen, toch bestaat er maar weinig
zekerheid over de langetermijneffecten van psilocine-gebruik.
Enigszins verontrustend is een waarneming uit Goettingen
(Duitsland), waar onderzoekers in 1970 vaststelden dat
psilocine chromosomale afwijkingen veroorzaakt.
     Zij deden hun onderzoek in de psychiatrische kliniek van
de universiteit van Goettingen, waar synthetische psilocine
werd gebruikt bij de psycho-analytische behandeling van
patienten, als vervanger van het tachtig tot honderdmaal
krachtiger lyserginezuurdiethylamine - beter bekend als LSD.
Niet alleen door het misbruik van LSD, maar ook doordat er
steeds meer aanwijzingen kwamen dat LSD DNA-beschadigingen kan
veroorzaken, was men uitgeweken naar andere hallucinogenen
zoals psilocybine en afgeleiden.
     Interessant was natuurlijk de vraag of psilocine net als
LSD ook DNA-beschadigingen veroorzaakt. Volgens Elberle en
Leuner is dat inderdaad het geval. Vergeleken met zes
controle-patienten vonden zij bij vier psychiatrische
patienten die met psilocine behandeld werden een verdubbeling
van het aantal chromosomale afwijkingen.
     De belangrijkste afwijking was dat de chromosomen niet
normaal gekleurd konden worden om ze voor microscooponderzoek
geschikt te maken. Maar de onderzoekers troffen ook
chromosoombreuken en een chromosoom-recombinatie aan.
Voorzichtig concludeerden ze dan ook dat psilocine net als LSD
een mutagene werking vertoont. Of die werking zich ook
uitstrekt tot kiemcellen (zaad- en eicellen), konden ze
destijds niet vaststellen.

Met de betrekkelijk schaarse medische literatuur over
psilocybine en psilocine in de hand, lijkt het erop dat het
ministerie van VWS gelijk heeft met zijn stellingname dat de
ecodrugs geen belangrijk gevaar voor de volksgezondheid
betekenen. Ze op een lijn stellen met hard drugs als heroine
of XTC, zoals justitie lijkt te doen, is wetenschappelijk niet
te rechtvaardigen.
     Dat leidt tot een conflict, dat tot in de boezem van de
regering kan reiken. Ambtelijk overleg tussen Volksgezondheid
en Justitie om tot overeenstemming te komen over het beleid
inzake eco-drugs, is gaande. hoopvol is dat het huidige
kabinet dezelfde kleur heeft als de lamellen onder het hoedje
van het kaalkopje: paars.

Gerbrand Feenstra

Terug naar het hoofddocument

Stichting Perfect Fungi Europe (PFE)
Postbus 416
6700 AK Wageningen
Nederland
E-mail: info@pfe.antenna.nl

Ondermeer om papier te sparen correspondeert PFE bij voorkeur
per email. Aan bovenstaand adres gerichte post wordt alleen
beantwoord als er een aan de afzender geadresseerde en
voldoende gefrankeerde envelop is ingesloten.
Alles van deze pagina mag, mits onverkort en met bronvermelding,
worden overgenomen. De informatie op deze pagina kan echter op ieder
moment worden gewijzigd.
Copyright © 1997. Perfect Fungi Europe, P.O. Box 416, 6700 AK, Wageningen, The Netherlands.